Beginpagina > Nederlands > Sprookje

Sprookje

Contenu de la page : Sprookje

De recente archéologische opgravingen in het kader van de bouw van de Hoge snelheidslijn hebben aangetoond dat al rond 2500 voor Christus sprake is van menselijke aanwezigheid in deze buurt. Volgens de plaatselijke historici was er in het romijnse tijdperk een uitkijktoren op de plaats waar nu de toren van Crest staat. Maar helemaal zeker is dit niet. Wel is bekend dat in de romeinse tijd de weg die van Valence naar Italië leidde, drie kilometer meer naar het oosten lag, door Augusta, nu Aouste-sur-Sye. De herhaaldelijke invallen van barbaren : Avars, Burgondes , Goth’s etc. brachten de mensen er toe de steden op bergtoppen te bouwen en te omringen met versterkte muren. De stad Crest werd in de Xde eeuw gesticht door de familie Arnaud. Vandaar de oorspronkelijke plaatsnaam : .Crista Arnaldorum of Crêt (rotswand) van de Arnaud. In een geschrift van paus Calixtus II, gedateerd 2 maart 1120, vindt men de eerst bekende vermelding van de stad Crest. Deze brief is geschreven vanuit het « Kasteel van Crest ». De familie Arnaud bezat de stad in erfleen, vrij van elke vorm van belasting tot in 1145 Arnaud de Crest zich onderwierp en leenman werd van de Hugo II, bisschop van Die. Er moesten toen 1200 « sols » betaald worden. Als tegenwicht werden de vele « fouten » van de familie door de bisschop vergeven. Een soort aflaatbrief dus. Na de Arnauds heerst de familie Poitier hier. Zij zijn de graven van Valence en Die. In 1178 verklaart de Bisschop van Die dat de helft van de bevolking van Crest aan hem toebehoort terwijl in 1138 de familie Arnaud alle inwoners van Crest bij oorkonde volledige vrijheid verleende. Dit is de oorsprong van een twee eeuwen durende oorlog tussen de bisschoppen en de graven om het totaal bezit van Crest, de bijbehorende grond en de kastelen.

Een eerste épisode speelt zich als volgt af : In 1217, tijdens de kruistocht van de Albigenzen verovert Simon de Montfort Crest. Aymar de Poitiers, bloedverwant en leenman van Raymond VI, graaf van Toulouse, koos stelling voor hem terwijl Arnaud de Die, die kapitein was van het bovenste kasteel in dienst stond van de bisschop van Die

Om de graaf een hak te zetten, levert Arnaud het kasteel aan de kruisvaarders. Het werd zo onmogelijk om de lager gelegen vesting, die van Aymar, te verdedigen en zo viel de stad Crest in handen van de bisschop. Vele episodes volgen en uiteindelijk won Aymar VI in 1347 de strijd tijdens het gevecht bij Eurre. De Poitiers voegen de beide vestingen samen en maken van de stad Crest de hoofdstad van hun gronden. In 1832 verplaats Louis II van Poitiers zijn muntslagerij naar de Toren (derde etage).

In 1419 verklaart hij Charles, kroonprins van Vienne, zoon van de franse koning Charles VI tot zijn wettige erfgenaam en zo wordt Crest Frans in 1426. In de volgende eeuwen bezitten Cesar Borgia, en ook Diane de Poitiers Crest. Lodewijk de XIII gaf in 1632 het bevel om de versterkingen van de stad af te breken. Alleen de Toren bleef gespaard op verzoek van de consuls. De familie Grimaldi bezit Crest van 1641 tot aan de franse revolutie (1798).

De Toren doet daarna veelvuldig dienst als gevangenis. Tijdens de godsdienstoorlogen worden er veelvuldig protestanten in opgesloten en later de opstandelingen, tijdens de staatsgreep van Napoleon III. De vele graffiti op de muren getuigen van deze perioden. Crest, met zijn kerken en zijn tribunaal, kent een periode van welvaart in de XVII et XVIII de eeuw met de opkomst van handel, specifiek van laken, katoenen en zijden stoffen. In de XIXde eeuw telt de stad 5600 inwoner (heden : 8100). De straatnamen in de oude stad en de namen van de wijken getuigen nog van deze bloeiende ambachtstijd. Maar de stad Crest, een van de toegangspoorten tot het mooie Vercors gebied weet zijn rijke verleden met de eisen van de moderne tijd te verenigen.